maart 15, 2024

Een mobiliteitshub is geen snelle fix, maar een strategisch instrument dat de waarde en verhuurbaarheid van uw vastgoed verhoogt door parkeerdruk fundamenteel op te lossen.

  • Het stelt u in staat om te onderhandelen over lagere parkeernormen, wat direct bespaart op dure bouw- en grondkosten.
  • Een succesvolle hub is een geactiveerd ecosysteem dat gebruikersgedrag actief stuurt, wat leidt tot een hoge bezettingsgraad en tevreden medewerkers.
  • Het verschuift de focus van vaste kosten (leaseauto’s) naar een flexibel, datagedreven model (Total Cost of Mobility) dat de bereikbaarheid optimaliseert.

Aanbeveling: Begin niet met het kiezen van voertuigen, maar met een grondige, datagedreven mobiliteitsanalyse van uw huidige situatie om een ijzersterke businesscase op te bouwen.

Als vastgoed- of facilitymanager herkent u het ongetwijfeld: de constante stroom klachten over een tekort aan parkeerplaatsen, de hoge kosten voor het huren van extra terrein en de frustratie van medewerkers die dagelijks strijden om een plek. De traditionele oplossing – meer parkeerplaatsen bouwen of huren – is vaak financieel onhaalbaar en stedenbouwkundig onwenselijk. De term ‘mobiliteitshub’ valt dan al snel als de moderne oplossing. Men denkt aan een paar deelauto’s en e-bikes, en het probleem lijkt verholpen.

De realiteit is echter weerbarstiger. Veel goedbedoelde initiatieven stranden met ongebruikte voertuigen en aanhoudende parkeerproblemen. Dit komt omdat de onderliggende aanname verkeerd is. De sleutel tot succes is niet het simpelweg aanbieden van deelmobiliteit. Het is het creëren van een compleet, geïntegreerd mobiliteitsecosysteem dat u proactief beheert en activeert. De ware vraag is niet óf u een hub moet implementeren, maar *hoe* u deze ontwerpt als een strategisch instrument dat de parkeernorm verlaagt, de bereikbaarheid verbetert en uiteindelijk de waarde van uw vastgoed verhoogt.

Dit artikel gaat voorbij de oppervlakkige voordelen en duikt in de strategische kernvragen. We analyseren de mechanismen die een mobiliteitshub succesvol maken, van het onderhandelen met de gemeente en het activeren van medewerkers tot het realiseren van een hoge bezettingsgraad. We benaderen de mobiliteitshub niet als een kostenpost, maar als een rendabele investering in de toekomstbestendigheid van uw kantoorpand.

Kunt u minder parkeerplaatsen bouwen bij uw nieuwe pand door deelauto’s aan te bieden?

Ja, absoluut. Dit is zelfs een van de krachtigste financiële argumenten voor de implementatie van een mobiliteitshub. Gemeenten stellen bij nieuwbouw of renovatie vaak een strenge parkeernorm, die voorschrijft hoeveel parkeerplaatsen u per vierkante meter kantoorruimte moet realiseren. De kosten voor de aanleg van deze plaatsen, zeker in een ondergrondse garage, kunnen oplopen tot tienduizenden euro’s per stuk. Door een overtuigend, datagedreven mobiliteitsplan te presenteren, kunt u aantonen dat een deel van deze fysieke parkeerplaatsen kan worden vervangen door een efficiënt deelmobiliteitsaanbod.

De kern van de onderhandeling met de gemeente is het aantonen dat uw hub daadwerkelijk leidt tot een structurele vermindering van de parkeervraag en het autogebruik. Dit gaat verder dan een vage belofte. U moet met harde data en een professioneel plan komen. Recente data ondersteunen deze claim; zo toont onderzoek aan dat de aanwezigheid van slimme mobiliteitsoplossingen kan leiden tot tot wel 25% minder autokilometers per gebruiker in een gebied. Dit soort cijfers, toegepast op uw specifieke situatie, vormt de basis voor een succesvolle dialoog met de lokale overheid.

Het doel is om een formele overeenkomst te sluiten waarin een lagere parkeernorm wordt geaccepteerd in ruil voor de realisatie en exploitatie van een kwalitatieve mobiliteitshub. Dit vereist een proactieve en professionele aanpak, waarbij u de gemeente als partner benadert in het oplossen van stedelijke bereikbaarheids- en leefbaarheidsproblemen. In Nederland zijn er al succesvolle voorbeelden, zoals de meer dan 100 hubs van Hely die specifiek zijn ontworpen om de mobiliteitsuitdagingen bij kantoren aan te pakken.

Uw plan van aanpak voor onderhandeling met de gemeente

  1. Ontwikkel een datagedreven mobiliteitsplan: Laat een Mobiliteits-Effecten Rapportage (MER) opstellen die de verwachte reductie in parkeervraag en autokilometers kwantificeert.
  2. Presenteer een financieel model: Maak een duidelijke vergelijking tussen de CAPEX/OPEX van het bouwen van parkeerplaatsen versus de investering in en exploitatie van de mobiliteitshub.
  3. Stel een gefaseerd reductiemodel voor: Koppel de definitieve reductie van de parkeernorm aan het behalen van vooraf gedefinieerde KPI’s, zoals de adoptiegraad van de deelvloot.
  4. Implementeer een monitoringsysteem: Zorg voor een systeem dat de adoptiegraad en de daadwerkelijk vermeden autokilometers meet, om de resultaten transparant te kunnen rapporteren.

Hoe zorgt u dat medewerkers de laatste kilometer vanaf het station efficiënt afleggen?

Het overbruggen van de ‘laatste kilometer’ – de afstand tussen een OV-knooppunt en de eindbestemming – is een kritieke succesfactor voor de bereikbaarheid van uw kantoor. Als deze verbinding omslachtig of onbetrouwbaar is, zullen medewerkers alsnog voor de auto kiezen, zelfs als uw kantoor naast een treinstation ligt. Een mobiliteitshub speelt hier een sleutelrol door een naadloze en aantrekkelijke overstap te bieden. Het doel is om de totale reistijd van deur tot deur concurrerend te maken met die van de auto.

De oplossing ligt in het aanbieden van een divers palet aan ‘last-mile’ opties, afgestemd op de specifieke afstand en de voorkeuren van uw medewerkers. Voor afstanden van 1 tot 3 kilometer zijn (elektrische) deelfietsen en e-scooters vaak de meest efficiënte en populaire keuze. Deze voertuigen moeten gemakkelijk te reserveren en te gebruiken zijn via een enkele app, idealiter dezelfde app waarmee ook de deelauto’s worden geboekt. De beschikbaarheid en betrouwbaarheid zijn hierbij essentieel; een medewerker die op het station aankomt, moet erop kunnen vertrouwen dat er een voertuig voor hem of haar klaarstaat.

Werknemers bij station met deelfietsen en elektrische steps voor laatste kilometer

Zoals de afbeelding illustreert, gaat het om het creëren van een vloeiende overgang. De keuze voor de juiste modaliteit hangt af van een afweging tussen reistijd, kosten en beschikbaarheid. Een vergelijking van de meest gangbare opties kan helpen bij het samenstellen van het juiste aanbod voor uw hub.

Onderstaande tabel geeft een indicatie van de prestaties van verschillende modaliteiten voor de laatste kilometer, gebaseerd op data van mobiliteitsadviseurs.

Vergelijking van modaliteiten voor de ‘last mile’ vanaf het station
Modaliteit Reistijd (1-3 km) Kosten per rit Beschikbaarheid
Deelfiets 5-10 min €1-2 Hoog met reservering
E-scooter 4-8 min €2-3 Gemiddeld
Lopen 15-30 min Gratis Altijd
OV-fiets 6-12 min €4,15/24u Hoog bij stations

Waarom staan uw deelauto’s stil en hoe krijgt u medewerkers erin?

U heeft geïnvesteerd in een vloot glimmende deelauto’s, maar de parkeerplaatsen ervan zijn zelden leeg. Dit is een veelvoorkomend en frustrerend scenario. De oorzaak is bijna nooit een gebrek aan interesse. Sterker nog, onderzoek toont aan dat 71% van de gebruikers positiever naar deelmobiliteit kijkt na het eenmaal geprobeerd te hebben. Het probleem is niet het aanbod, maar de activatie. Een deelvloot is geen passieve voorziening; het is een dienst die actief gemanaged en gepromoot moet worden.

De sleutel tot een hoge adoptiegraad ligt in het wegnemen van frictie en het creëren van een superieure gebruikerservaring. Dit begint bij de basis: een eenvoudig reserveringssysteem, schone en goed onderhouden voertuigen, en gegarandeerde beschikbaarheid. Maar om echt succesvol te zijn, is actieve gedragssturing nodig. Dit omvat een mix van communicatie, training en incentives. Organiseer lancerings-evenementen, bied proefritten aan en communiceer continu over de voordelen: kostenbesparing voor de medewerker, het gemak van ‘nooit meer tanken of onderhoud’, en de zekerheid van vervoer.

Een andere krachtige motivator is het creëren van een gevoel van gemeenschap en gedeeld voordeel. Wanneer medewerkers ervaren dat het delen van mobiliteit niet alleen goedkoper is, maar ook bijdraagt aan een betere leefomgeving met schonere lucht en meer ruimte, ontstaat er een intrinsieke motivatie. Het succes van projecten in bijvoorbeeld Nieuw Delft laat zien dat de toegenomen sociale cohesie – het gevoel dat je samen iets slims doet – een onverwacht sterke drijfveer is. Het gaat erom de overstap van ‘mijn auto’ naar ‘onze mobiliteit’ zo logisch, gemakkelijk en voordelig mogelijk te maken.

Hoe zet u een gezamenlijke pool op met andere bedrijven op het bedrijventerrein?

Voor veel individuele bedrijven is de investering in een volwaardige mobiliteitshub een grote stap. De oplossing ligt vaak in samenwerking. Door met meerdere bedrijven op een bedrijventerrein een gezamenlijke deelvloot op te zetten, worden de kosten gedeeld en de efficiëntie gemaximaliseerd. Een grotere, gedeelde vloot heeft een hogere bezettingsgraad, biedt meer keuze aan voertuigen en creëert een robuuster mobiliteitssysteem voor het hele gebied.

De eerste stap is het vormen van een kerngroep van ‘launching partners’. Zoek 3 tot 5 gelijkgestemde bedrijven op uw terrein die met vergelijkbare parkeer- en bereikbaarheidsproblemen kampen. Samen staat u sterker, zowel in de onderhandelingen met een mobiliteitsaanbieder als in de communicatie naar medewerkers. Voer vervolgens een gezamenlijke mobiliteitsanalyse uit voor het hele bedrijventerrein. Dit geeft inzicht in de gecombineerde vraag en de piekmomenten, wat essentieel is voor het bepalen van de optimale vlootgrootte en -samenstelling.

Overzicht bedrijventerrein met centrale mobiliteitshub en meerdere kantoorgebouwen

Op basis van deze analyse ontwikkelt u een gedeelde businesscase. Hierin wordt een helder kostenverdeelmodel vastgelegd, bijvoorbeeld op basis van het aantal FTE per bedrijf of het verwachte gebruik. Het is verstandig om te starten met een schaalbare pilot van bijvoorbeeld zes maanden. Dit maakt de drempel om in te stappen lager en biedt de mogelijkheid om het model op basis van echte gebruiksdata te evalueren en bij te sturen. Om de samenwerking op lange termijn te borgen, kan het wenselijk zijn deze te formaliseren in een stichting of coöperatie, die als gezamenlijke contractpartij optreedt.

Verhoogt een goede mobiliteitshub de verhuurbaarheid van uw kantoorpand?

Zonder twijfel. In de huidige competitieve vastgoedmarkt is een mobiliteitshub niet langer een ‘leuke extra’, maar een strategische troef die de aantrekkelijkheid en daarmee de verhuurbaarheid van uw kantoorpand significant verhoogt. Voor moderne huurders, met name in stedelijke gebieden, is uitstekende bereikbaarheid via diverse modaliteiten een harde eis. Een pand dat enkel op autogebruik is ingericht, verliest aan relevantie.

Een goed geëxploiteerde mobiliteitshub biedt huurders directe, tastbare voordelen. Het stelt hen in staat om talent aan te trekken dat niet afhankelijk is van een eigen auto. Dit is een enorm voordeel in een krappe arbeidsmarkt. Bovendien sluit het naadloos aan bij de toenemende vraag naar duurzaamheid en flexibiliteit. De bereidheid onder werknemers om de privéauto op te geven in ruil voor goede alternatieven is groot. Zo wijst recent onderzoek uit dat tot 70% van de mensen bereid is de auto weg te doen bij een verhuizing naar een locatie met een goed deelmobiliteitsaanbod. Dit is een krachtig signaal naar de markt.

Vanuit het perspectief van vastgoedwaardering draagt de hub bij aan een toekomstbestendig profiel van uw gebouw. Het demonstreert een vooruitstrevende visie op stedelijke ontwikkeling en voldoet aan steeds strengere eisen op het gebied van duurzaamheid (ESG). Experts in gebiedsontwikkeling benadrukken het belang van deze integrale aanpak. Zoals Bas Scholten, Christiaan Kwantes en Tim Burmanje stellen in hun analyse:

Door gezamenlijk de doelen voor het mobiliteitsconcept te ontwikkelen, ontstaat de basis voor een duurzame en langjarige samenwerking waarbij hubs bijdragen aan de kwaliteiten van het gebied.

– Bas Scholten, Christiaan Kwantes en Tim Burmanje, Gebiedsontwikkeling.nu analyse mobiliteitshubs

Een mobiliteitshub transformeert uw pand van een statisch gebouw met parkeerplaatsen naar een dynamische locatie die actieve oplossingen biedt voor de mobiliteitsbehoeften van haar gebruikers. Dit verhoogt niet alleen de huurderstevredenheid, maar versterkt ook direct uw onderhandelingspositie en de langetermijnwaarde van uw vastgoed.

Wat te doen als uw kluslocatie in een gebied ligt waar auto’s volledig geweerd worden?

Voor bedrijven met een operationele buitendienst, zoals installateurs of onderhoudsmonteurs, vormen autovrije binnensteden een groeiende uitdaging. Hoe krijgt u uw mensen én materieel op een locatie waar bestelwagens niet meer welkom zijn? Ook hier biedt het principe van de mobiliteitshub een uitkomst, zij het in een andere vorm: de stadslogistieke hub. Deze hubs bevinden zich aan de rand van de autovrije zone en fungeren als overslagpunt van grotere voertuigen naar kleinere, zero-emissie alternatieven.

De sleutel is om te denken in een ‘city-proof’ transportketen. De monteur rijdt naar de stadslogistieke hub, parkeert daar de bestelbus en stapt over op een voertuig dat wél is toegestaan in de milieuzone. Dit kan een elektrische bakfiets zijn voor lichter materiaal, of een compacte LEV (Light Electric Vehicle) voor zwaardere klussen. Steden als Rotterdam experimenteren hier al volop mee, met kleinschalige hubs waar men eenvoudig kan overstappen op deelbakfietsen of -scooters, vaak in combinatie met geofencing om wildparkeren van deelvoertuigen te voorkomen.

De keuze voor het juiste zero-emissie voertuig hangt strikt af van het benodigde laadvermogen en de actieradius. Het is essentieel om uw logistieke proces hierop aan te passen: wellicht moeten materialen in kleinere batches worden aangeleverd of moet de planning worden geoptimaliseerd voor meerdere ritten per dag. De volgende tabel biedt een overzicht van de mogelijkheden.

Vergelijking van zero-emissie transportopties voor kluslocaties
Voertuigtype Laadvermogen Actieradius Toegang milieuzone
Elektrische bakfiets ca. 125 kg 40-60 km Overal toegestaan
LEV bestelvoertuig ca. 500 kg 80-120 km Meestal toegestaan
Elektrische caddy/kleine vrachtwagen ca. 750 kg 100-150 km Ja, met mogelijke venstertijden

Het succes van deze aanpak vereist een mentaliteitsverandering: de focus verschuift van het bezit van een bestelbus naar het organiseren van toegang tot de locatie. Een stadslogistieke hub is hierin de onmisbare schakel.

Belangrijkste inzichten

  • Een mobiliteitshub is een strategisch instrument om de parkeernorm te verlagen en direct op bouwkosten te besparen.
  • Succes hangt af van actieve ‘activatie’ en gedragssturing, niet alleen van het aanbieden van voertuigen.
  • Samenwerking op bedrijventerreinen maximaliseert efficiëntie en verlaagt de investeringsdrempel voor individuele bedrijven.
  • Een goede hub verhoogt direct de verhuurbaarheid en de langetermijnwaarde van uw vastgoed.

Welke strategie zorgt voor een bezettingsgraad van boven de 80% bei uw deelvloot?

Een bezettingsgraad van 80% lijkt ambitieus, maar is haalbaar met een strategie die verder gaat dan alleen het aanbieden van auto’s. Het geheim ligt in een combinatie van dynamisch vlootbeheer, datagedreven prijsstelling en het openstellen van de vloot. Een vloot die uitsluitend voor eigen medewerkers beschikbaar is, zal onvermijdelijk veel stilstaan, vooral ’s avonds en in het weekend. Dit zijn dure, ongebruikte assets.

De eerste stap is het optimaliseren van de vloot voor intern gebruik. Analyseer de gebruiksdata: op welke dagen en tijden is de vraag het hoogst? Zijn er specifieke afdelingen die veel gebruikmaken van de pool? Gebruik deze data om de vlootgrootte en -samenstelling perfect af te stemmen op de vraag. Wellicht heeft u geen tien identieke auto’s nodig, maar een mix van vijf compacte stadsauto’s, twee stationwagens en een bestelbusje.

De tweede, cruciale stap naar een hoge bezettingsgraad is het openstellen van uw vloot voor andere gebruikers buiten kantooruren. Dit kan op twee manieren:

  1. Dubbelgebruik met bewoners: Werk samen met een nabijgelegen VvE of wooncomplex. Hun vraag naar auto’s is het hoogst wanneer uw medewerkers de auto’s niet gebruiken (avonden en weekenden).
  2. Publieke verhuur: Koppel uw vloot aan een publiek deelautoplatform. Dit genereert extra inkomsten en maximaliseert het gebruik van de voertuigen.

Dit model van dubbelgebruik is de kern van een financieel gezonde businesscase. Het zorgt ervoor dat uw investering 24/7 rendeert. De impact hiervan is enorm; onderzoek toont aan dat 1 intensief gebruikte deelauto tot wel 13 privéauto’s kan vervangen. Door uw vloot optimaal te benutten, draagt u niet alleen bij aan de eigen efficiëntie, maar ook aan de leefbaarheid van de hele omgeving.

Waarom kiezen steeds meer bedrijven in Amsterdam voor interne deelauto’s in plaats van leaseauto’s?

In een stad als Amsterdam, waar parkeerruimte extreem schaars en duur is en de bereikbaarheid onder druk staat, is de traditionele leaseauto voor veel bedrijven een achterhaald en inefficiënt model geworden. De overstap naar een interne deelvloot, vaak geïntegreerd in een mobiliteitshub, is geen trend meer maar een logische, economische keuze. Deze verschuiving wordt gedreven door een fundamentele verandering in denken: van Total Cost of Ownership (TCO) naar Total Cost of Mobility (TCM).

Een leaseauto, die een groot deel van de tijd stilstaat op een dure parkeerplek, vertegenwoordigt een zeer inefficiënt gebruik van kapitaal. Een interne deelvloot, daarentegen, wordt gezien als een gedeelde resource die maximaal benut moet worden. Bedrijven in Amsterdam realiseren zich dat ze met minder voertuigen meer mobiliteit kunnen bieden. Dit leidt tot directe kostenbesparingen op parkeren, verzekeringen, onderhoud en brandstof. Bovendien biedt het flexibiliteit: medewerkers kiezen per rit het meest geschikte vervoermiddel, of dat nu een deelauto, een e-bike of het openbaar vervoer is.

Succesvolle Amsterdamse voorbeelden, zoals de P+R hub bij de NDSM-werf, tonen de kracht van dit model. Gebruikers kunnen daar gratis parkeren op voorwaarde dat ze een elektrische fiets reserveren voor hun reis naar het centrum. Dit slimme koppelverkoopmodel stimuleert het gewenste gedrag en optimaliseert het gebruik van de gehele infrastructuur. Het maakt de overstap van de auto naar alternatief vervoer niet alleen mogelijk, maar ook financieel aantrekkelijk.

Deze transitie is meer dan een kostenbesparing; het is een strategische herpositionering. Bedrijven die overstappen op een deelmobiliteitsmodel profileren zich als moderne, duurzame werkgevers en lossen tegelijkertijd een nijpend operationeel probleem op. Ze vervangen een vaste, inefficiënte kostenpost door een flexibel, datagedreven mobiliteitssysteem dat waarde creëert voor zowel het bedrijf als de medewerker.

De implementatie van een succesvolle mobiliteitshub is een strategisch project dat een grondige analyse en een doordachte aanpak vereist. Begin vandaag nog met het in kaart brengen van uw mobiliteitsbehoefte om de eerste stap te zetten naar een toekomstbestendig, bereikbaar en waardevoller kantoorpand.

Lieke Jansen, Lieke Jansen is een innovatieve mobiliteitsmanager die organisaties helpt de overstap te maken van vaste leaseauto's naar flexibele mobiliteitsoplossingen. Met een achtergrond in Arbeids- en Organisatiepsychologie en 10 jaar ervaring, richt zij zich op de menselijke kant van mobiliteit. Ze is expert in het implementeren van Mobility as a Service (MaaS) en deelvervoer binnen bedrijven.